Poepsnoepje, zeggen ze, altijd met een verkleinwoord, om duidelijk te maken dat het pedagogisch is bedoeld. Mijn schoonbroer zei gatpraline. En zelf weet ik dat de grootste zetpil ter wereld in Oud-Heverlee staat, rechts van de oprijlaan naar DOVO, dienst voor opruiming en vernietiging van ontploffingstuigen. Ik ben daar ‘s nachts eens gestopt om foto’s te maken. De maan scheen zo mooi op die zetpil, dook ineens een militair met een hond op. Ik was rap weg, gleed door het donker naar huis, gelijk, nuja, gelijk een pijnstiller in een endeldarm. Want jongens toch, een stopje maakt zijn punt bizonder snel.

lees meer »

 

Vijf stappen, stond er, alsof ik een dag niet had bestaan. Vijf stappen, van kopkussen tot voeteinde, samen twee bedlengtes. Alsof ik alleen maar drie keer de kont had gedraaid. Eén keer voor seks, twee keer omdat de zon anders in mijn ogen scheen. Terwijl! Ik had geeneens seks gehad. Wie heeft er nu tijd voor seks. Niet degene die 8000 stappen per dag haalt. Ik hoef er niet eens voor te gaan wandelen. Het gewone huishoudelijke doen is genoeg. Ik weet niet of de ziekenkas meeleest, maar ze zouden beter wel meelezen. Marc Justaert, dit lid is in vorm, eet gezond, beweegt voldoende, is kortom een surplus voor uw solidariteit. Dat weet ik sinds ik mijn stappen tel. Niet dat ik mijn stappen tel, mijn telefoon telt mijn stappen. Eén of andere update heeft mij een app opgedrongen die nillens willens alles bijhoudt. 

lees meer »

 

Wie de beste bedoelingen heeft met de natuur wast zijn haar maar beter nooit. Of toch niet te dikwijls. Het bewijs daarvan treft men veelal aan in de Bio-Planet. Uiteraard loopt niet de hele klandizie van de Bio-Planet te knisperen op de afdeling havermout. Daarvoor zitten er tegenwoordig te veel mensen aan de havermout. Bovendien staan er op de parking van de Bio-Planet altijd Volvo’s te blinken. Bestuurders daarvan houden het bij gecontroleerde nonchalance, wat helemaal iets anders is dan biologisch rot. Maar verder is de kans op pluiskoppen gewoon groter in  de Bio-Planet. Het kan niemand wat schelen. Ook de kinderen niet, die altijd iets oranje aan hebben dat al negen jaargetijden meegaat. Ik kijk altijd kwaad naar die kinderen. Ik weet niet waarom. Er is iets met hun vrijheid. Ze ruiken assertief. En hun haar is nooit gekamd.

lees meer »