Hij vertelde een mop en hij lachte. Het was een onnozele mop. Het was geen mop. Het was een mop van Balthasar Boma. In de zomer was het bon ton. De Kampioenen kwamen alle dagen op tv. Uur of zeven. Dan haastte hij zich. Dan zag je hem door de keuken rennen met zijn pyjamabroek binnenstebuiten, om op tijd te zijn voor Bomo.

lees meer »

 

imageEr zijn van die dagen dat ik denk dat Bomma kan lezen. Zij stapt over de mat naar binnen alsof ze uitgenodigd is. Terwijl, allez. Ik kan haar nu toch niet uitleggen dat het ironisch bedoeld is, dat van dat Weerofgeenweer.

 

image

Bomma & vriendin zitten niet aan de gezellige nazomerdagen. De buren hebben een kat in huis gehaald. Wahahahaa, hoort ge dan ineens. Waarna Bomma in paniek wegstuift. Geen vijf minuten zijt ge hier nog op uw gemak. Zeg.