Bomma is een statement

Het tijdperk van Puk is passé. Niemand noemt zijn hond nog Puk. Of Pukkie. Of Boomer. De helft van het volk weet geeneens wie Boomer is. Daarom zal ik het uitleggen. Boomer was een allemansvriend met een staart en een serie op tv. In 1980. Hij woonde in een kast onder de gootsteen en hielp de mens in nood. Boomer was een held, gelijk Mega Mindy, zij het met scherpere tanden en meer haar. Enfin, honden heten niet meer Boomer. Behalve als ze al een beetje stinken. Of met suffe baasjes zitten.
Mensen die mee zijn met de tijd geven hun huis dier een bijzondere naam. Beagles heten Odette, teckels heten Waldo en gesteriliseerde katers heten Herman. Het is hip. Het geeft cachet. Iemand noemt zijn scheper Faulkner? Hoe slim! Literair! Iemand noemt zijn siamees Muis? Hahaha! Grappig! In een bokaal drijft met de buik naar boven: Brigitte, van Becue. Ojee. Pukkie getuigt van geen stijl en Tyson is een American Stafford: ook niks. De naam van een huisdier zegt iets over de goede smaak van de bedenker. Ik wilde daar niet aan meedoen en doopte de kip Bomma, omdat Bomma precies steunkousen aanheeft, als kuiken al. Bomma hobbelt over de mesthoop zoals andere bomma’s naar de Lunch Garden gaan voor een vidé.

Hoe dan ook, Bomma is een statement. Al komt ze nooit als iemand roept. Ik mag de buren graag in verwarring brengen als ik de achterdeur open gooi. Dan zeg ik: Goeiemorgen Bomma! Kijk eens wat ik voor u heb! Kaaskorsten, worstenvel en appelschillen! Soms noem ik haar ook heel lief Bommeke Bom, maar meestal komt Bomma met halve klachten. Bijvoorbeeld als ze haar darm ledigt op het terras. Of nog erger, als ze heimelijk op wandel is geweest in de keuken, met vogelkak achteloos onder de tafel. Dan roep ik over alle achtertuinen heen: Bomma, nondedju, ge weet goed genoeg dat ge niet in de keuken moogt!
Bomma heeft geen boeiend leven, maar voor de buren doe ik alsof. Er zijn een hele hoop predicaten die daarbij helpen. Ze beginnen allemaal met Bomma. Bomma, gij tijger! Hebt ge een worm gevangen! Bomma! Stop met in het gras te dabben. Ik kook u af met vel en al. Bomma, doe nu niet alsof ge mij niet kent. Als ik had gewild, had ik u al veel eerder geslacht. De buren hebben nog nooit iets over Bomma gezegd, maar ze hebben zich ongetwijfeld afgevraagd wat er hiernaast allemaal aan de hand is.

De mop met Bomma is intussen al drie jaar aan de gang, lang genoeg om het statement te vergeten. Zoals onlangs gebeurde in de trein. De tegenpartij en ik waren een paar dagen aan het gewemel ontsnapt, reden terug naar huis. Wij zaten tegenover elkaar bij het raam en bespraken onze thuiskomst. Oh hemel, zei ik, we zijn Bomma vergeten. Of hebt gij haar nog eten gegeven voor we vertrokken? Arme Bomma, ik mag er niet aan denken dat ze straks dood op de vensterbank ligt. Mijn man sliste en knikte naar rechts. Daar zat een mevrouw met een plix en een handtas op schoot. Er zat een hondje in. Met grote verontwaardigde ogen staarden ze mij aan, rechtstreeks uit het tijdperk van Pukkie.

(eerder verschenen in De Standaard Magazine)

3 gedachten over “Bomma is een statement”

  1. Een jaar of zeven geleden doopte ik het vijfkoppige poezenkroost naargelang hun uitzicht. Er was een Marielewiske bij, een Lewiemichelleke (de kater met het overgewicht), een ‘DeZielige'(omdat ze zo keek), een Sammyke (omdat ze zo lelijk was als Sammysatan in Het Eiland) en een ‘DeZwètt’n’ (omdat hij zo zwart is als de nacht). Nog een geluk dat we hem niet DeNeger hebben genoemd. En dat we niet op een trein hebben zitten mijmeren of DeNeger zijn gezuster Sammy niet aan ‘t verkrachten zou zijn zijn tijdens onze afwezigheid.
    Marielewiske is geadopteerd en herdoopt intussen. Lewiemichelleke en DeZielige ook, maar helaas intussen heengegaan. Zielig he. What’s in a name… En de Zwètt’n woont nog thuis, maar zit dus soms op zijn zuster Sammy. De Voile Zwètte’n!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *