De rode vlag

Ergens in de jaren 80, op de zeedijk van Oostduinkerke, Residentie Noordhinder, vierde verdieping, daar hing een rode vlag uit het raam. Het was geen kwestie van politiek. En niemand had zijn maandstonden. Het was een Santens, lang geleden een inlands handdoekenmerk. Die handdoek is een herinnering aan het lef dat we hadden. Die handdoek was een baken van de vrijheid die we konden verdragen. Maar de tijd is voorbij. Het vertrouwen is weg. De branie is zoek. En daarmee is het vrije leven afgeschaft. Zo raar is dat niet. Om vrij te zijn moet je durven.

Niemand durft zijn kinderen nog de hele middag los te laten. Ha nee, want voor je het weet zit je allerliefste kweek in de koffer van een kinderlokker. Je zult het als vader maar aan de hand krijgen, een bloedend kind in de ene hand, vijf losse tenen in de andere hand. Op de spoed! Want hoe scherp is een schop? Hoe langer je niet kijkt, hoe scherper! Petanqueballen zijn natuurlijk ook gevaarlijk, maar dan toch liever een petanquebal op dat malse kindervoetje. En wat als ze elkaar begraven. Dat doen kinderen soms. Ze spelen begrafenisje en ze sterven écht.

Mijn moeder was er niet bang voor. Ze las de Story en hing de rode vlag uit het raam als haar kinderen moesten binnenkomen. De chipolata’s waren klaar. Tante Lydie (die we toen nog sympathiek vonden) was op bezoek. Papa was aangekomen. Of we konden misschien een ijsje gaan eten bij Verdonck? Altijd! De rode vlag kon wapperen om verschillende redenen. Hoe het zat hoorde je op de vierde verdieping van Residentie Noordhinder. Als je de rode vlag zag, kwam je binnen, dat was de afspraak.

Ik deed wat moest, maar nu ook niet à la minute. Soms moest ik eerst nog drie bommetjes laten ontploffen. Soms moest ik eerst nog een halfopgerookte sigaar begraven. En soms was ik gewoon niet op het strand, kon ik de rode vlag niet zien. Maar nooit is mijn moeder één keer schreeuwend de dijk opgerend omdat zij dacht dat zij haar kinderen kwijt was. Mijn moeder was behept met een buitenaardse zekerheid. Zij geloofde in mij, én in mijn goede afloop!

Vaders en moeders van nu zouden het niet meer durven. In de plaats zouden ze compassie hebben, want als er iets is wat mijn moeder niet met mij had: compassie. Niemand had destijds compassie met kinderen. Klein kleutertje zong nog schuldbewust van Mamaatje die zal kijven en papaatje die zal slaan. En als je een slecht rapport had, wist je dat je je cassetterecorder moest afgeven. Gedaan met Kinderen voor Kinderen 8. Ik loop met één been op de stoep en één been in de goot. En als ik dat niet doe dan ben ik morgen dood.

Die liedjes kunnen trouwens ook niet meer. Het kinderlied is tegelijk met zijn publiek veroordeeld tot de totale onschuld. Vergeleken met de rijmelaars van het Googlekind is Annie M.G. Schmidt een hardcore domina. Er is een moord gepleegd. Sebastiaan is opgeveegd! De vrouw met de dikke bril had medelijden met onderwerpen noch toehoorders. Goddank was ze harteloos want compassie is de dood door confituur. Het wordt hoog tijd dat iemand nog eens met de rode vlag zwaait.

(eerder verschenen in De Standaard Magazine)

9 gedachten over “De rode vlag”

  1. Mocht hier ooit nageslacht komen, dan zal ik na enkele jaren eens aan dit stukje denken en heldhaftig een rode handdoek gaan kopen in de wibra.
    En misschien stiekem ook een verrekijker, voor mocht hij niet meteen het gewenste effect hebben.

  2. Met al die GAS-boetes zou er nog eens een Pipi Langkous moeten opstaan. En dat is allemaal angst zong Robert Long…

  3. De dag dat je kindje van 4 jaar voor jou op de stoep loopt en je durft haar te laten lopen en ze loopt onder een auto, dan heb je tenminste durf gehad.

  4. en even goed wordt ze 40, herinnert ze zich de zorgeloosheid van toen

  5. Of op voorstel van de papa van het 5m hoge dak mogen springen (op matrassenstapel uiteraard), omdat het verbieden er toch voor zorgt dat ze het zouden proberen als hij weg is…

  6. Ja dat ligt erg moeilijk.
    De angst is voor een groot stuk irrationeel. Zo waren er in de jaren ’70 2 tot 3 keer meer verkeersslachtoffers dan vandaag.
    We zijn ons allemaal veel bewuster geworden van de gevaren, en leven daardoor inderdaad constant in angst… die zorgeloosheid is inderdaad verdwenen, en dat is ten dele jammer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *