De tanden van tante An

Het zussenkind zat op mijn schoot en sprak: Tante An, jouw tanden zijn geel. Ik stopte onmiddellijk met lachen en verzon een verhaal over een kwaaie krokodillenmoeder bij wie ik eens op bezoek moest voor de krant. Van haar had ik twee speciale tanden gekregen. Deze twee, zei ik en ik wees op de gevaarlijkste en de scherpste tanden die ik nog heb. Ik lachte luid en pakte het zussenkind een sok af. Het vleesje van één kinderteen, was dat misschien te veel gevraagd? Voor zo een onbeleefde opmerking! Trouwens, met negen tenen kun je ook nog alles. Even goed, verzekerde ik. En zo werd het toch nog een gezellige middag.

 
Maar toen ik ‘s avonds terug naar huis ging, zag ik mezelf zitten, in het gele raam van de trein, een oude tante. Nochtans heb ik mijn zogezegde tekortkomingen nooit aan het hart laten komen. Of toch nooit lang. Zelfs niet op de moeilijke dagen, als er een maandverband in mijn broek plakt. De blauwe wijnboer is overigens een leugenaar! Bloeden is het punt niet. Nooit geweest. ‘s Avonds thuiskomen met een stekel op je kin, is veel erger. Omdat je dan weet dat iederéén de hele dag naar die stekel heeft zitten kijken. Misschien zijn er desomtrent wel mails verstuurd. Heb je haar gezien? Ze heeft een stekel. Tsss.Zulke mails.

 
Oh ja, en ik herinner mij de reis naar Egypte nog, met Ignace Crombé en een lading missen. De vooruitzichten waren meteen al slecht op Zaventem. Ik had het kleinste koffertje van iedereen. Nog goed dat ik daags voordien een bikini was gaan scoren in de Makro. Of ik had mezelf daar te schande gemaakt met een badpak van Adidas. Desalniettemin ben ik zeven dagen lang de slons van het gezelschap geweest. Zonder tranen evenwel en zonder verdriet. De truc was de vieze man, die met een nylon short en een diepe navel aan het zwembad zat. Hij hoefde er niet eens te zitten, want de truc is altijd de vieze man, niet alleen in Egypte. Echt waar, zolang er lelijke mannen ter aarde zijn, zal er niet aan mijn zelfvertrouwen worden geroerd. Het is hun schaamteloosheid die het hem doet.

 
Al groeien er wratjes op zijn oogleden, al vreet hij zijn eigen nagels op en al biedt een pak van Zegna al twintig jaar geen soelaas meer, de vieze man voelt er zich nooit minder door. Zelfs lelijk heeft hij alles. Sterker nog, dat hij lelijk is, geeft hem ernst en cachet! Maar een zussenkind op schoot is anders en inmiddels weet ik dus hoeveel witte tanden moeten kosten. Ik heb mij geïnformeerd over plaatjes, plaatjes gelijk bv’s plaatjes hebben, geplakt en van porselein. Billboards voor een kerkhof van een gebit, dat is het principe. Als het maar vrolijk is.
400 euro per tand, zei de tandarts. Lach eens, gebood ze en ze telde: acht tanden, samen goed voor 3200 euro. Of ik dat ga betalen? Nee! Nog in geen 3200 jaar. Bovendien lach ik soms ook tien tanden bloot. De spondeligger heeft ze geteld, samen goed voor 4000 euro. Precies of er één mop bestaat die zoveel geld waard is. En daarom, beste zussenkinders én alle andere toehoorders, heeft tante An gele tanden. Voor altijd.

(eerder verschenen in De Standaard Magazine)

4 gedachten over “De tanden van tante An”

  1. Mensen die gelnagels laten zetten, en mensen die hun tanden laten bleken, sorry, maar daar heb ik geen respect voor. Pas als ge een filet pure niet meer kunt kauwen, en daarom een kleine Mercedes in uw mond laat zetten, is al dat gedoe aan uw gebit verantwoord. Kies dan gelijk de juiste kleur, zodat ge geen opmerkingen meer krijgt van kleine mensjes uit wiens mond altijd de waarheid komt. Wit is altijd schoon. Maar opgepast, trop wit is teveel!

  2. die kinderen zijn soms pijnlijk, ondervond ik ook op de bus, goed wijzend en vooral luid: ‘mama, die lelijke man daar zweet nogal, hé’, om maar te zeggen dat er erger is dan gele tanden of negen tenen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *