Gepensioneerden in de Delhaize

Waarom, zo luidt de klacht. Waarom moeten gepensioneerden altijd ‘s zaterdags naar de Delhaize. Terwijl ze de hele week tijd hebben om hun boodschappen te doen. In alle rust. In alle comfort. Interesseert ze niet. Ze gaan winkelen als iedereen gaat winkelen. Punt uit. Op vrijdagavond vreten ze de proefstandjes kaal. Zaterdagmiddag staan ze het knopje van de nectarines te zoeken op de weegschaal.

Zelfs in de vakantie slagen ze erin om in de piekuren op de duiken aan de kassa. Met één botervlootje en de preventief verontwaardigde blik omdat niemand ze wil voor laten aan de mandjeskassa. Ook al hebben ze 40 jaar gewerkt en drie kinderen groot getrokken mét universitair diploma. We zullen elkaar nog eens spreken! En owee degene die toch door de knieën gaat. Want naast het botervlootje houdt de gepensioneerde altijd een boodschappenwagentje achter. Ligt alsnog de hele band vol waar. Petit Gervais (voor de kleinkinderen), cakemix (geen tijd meer om écht te bakken), Tena Lady (wie schaamt zich daar nog voor), Dag Allemaal (amai, Bart Kaëll is ook al 50), een karton Pinot Blanc (wat ze daar op een terras niet voor durven vragen), bosbessen (zuiveren het bloed)… En intussen krijgt de kassa een staart van ongeduldige mensen, actieve mensen, die zich afvragen: Waarom moeten gepensioneerden altijd ‘s zaterdags naar de Delhaize.

Mij kan het allemaal niet schelen. In de Delhaize niet en op de kusttram ook niet. Ook al zitten ze daar soms garnalen te pellen voor hun vakantiegevoel. Het stemt mij vrolijk hoe ze tussen Raversijde en Oostende de huisdieren van andere gepensioneerden proberen te vergiftigen met witbeslagen pralines die ze uit hun handtassen opgraven. Leve de gepensioneerden. Hoe dikwijls ruiken ze niet naar lelietjes-van-dalen! Hun sandalen zijn aandoenlijk, wit, comfortabel en, goddank voor de kalknagel, hebben ze zelden open teentjes. En dan moet de bocht van Nieuwpoort-Bad nog komen! Daar wiebelen hun grijze koppen synchroon gelijk jonge hondjes op de hoedenplank van een Nissan Sunny. De gepensioneerde zomer is me een plezier.

Er is maar één plaats waar ik de gepensioneerde slecht verdraag en dat is op de arbeidsmarkt. Sommige gepensioneerden doen hun werk zo graag dat ze er geen afscheid van kunnen nemen. Nauwelijks is de slagroomtaart met ‘Geniet van uw pensioen, Ivo’ verteerd. Nauwelijks is de interne Josée-gaat-ons-verlaten-mail van de server geknetterd. Nauwelijks is Jean terug van een deugddoende Griekse eilandhopvakantie. Of daar is de gepensioneerde terug. In bijberoep. Zelfde diensten, verminderde tarieven. Want de gepensioneerde doet het niet voor het geld. Hij doet het voor het plezier. Dat wil zeggen dat hij onder de prijs duikt, het mechanisme van vraag en aanbod in de saus draait en de hele economie scheef trekt. Toch voor degene die het wél voor het geld doet, moet doen, omdat er aan de verste horizon nog geen schijn is van een pensioen.

Waarom, vraag ik mij dan af, waarom maakt iemand zich ooit druk over gepensioneerden in de Delhaize. Ze zouden ze moeten opsluiten in de Delhaize.

(eerder verschenen in Vacature Magazine)

5 gedachten over “Gepensioneerden in de Delhaize”

  1. Dit stukje heb ik alweer met veel plezier gelezen en het deed me denken aan mijn eigen besognes, maar dan meer wat bejaarden in het verkeer betreft.
    Hier in de kuststreek waag je je er best niet aan met de auto in eigen badstad te rijden, want gegarandeerd word je dag “korter gemaakt” door een stel slakkenbejaarden in de auto voor je.
    Het voordeel is wel dat je het gaandeweg makkelijker en makkelijker tolereert, want je leert die dure tijd, die je dacht kwijt te zijn, te gebruiken om gade te slaan wat er allemaal in die auto gebeurt (daar waar ik vroeger gewoon zat te mekkeren en/of te briesen.)
    Dankzij deze ondertussen aangeleerde observatietechnieken, gevoed door overmacht, ben ik tot de vaststelling gekomen dat bejaarden constant zitten te wijzen met geplooide arm… God weet naar waar, maar van zodra ik daar achterkom, laat ik het weten.
    Misschien wijzen ze wel naar Delhaizes?

  2. Ach Tante Annie, zolang ge zelf maar niet gepensioneerd en wel voor mij in den Delhaize staat met Zo’n Boekske in uw mand. Ik zou de Petit Gervais uit uw hand rukken en u terugsturen van waar ge kwam, nog naroepend: ‘lang leve bijberoep!’. ‘t Zou zonde zijn anders.

  3. Mijn moeder woont in een dorp waar aan de ingang van het containerpark volgend opschrijft ophangt: “Gepensioneerden en mensen met veel tijd: gelieve tijdens de week te komen”. Tjah.

  4. En vergeet de bus en tram niet. En in natuurgebieden, daar durven ze ook wel in troepen van tien of twintig doorfietsen, met hun fluo frakskes aan en veel te veel lawaai, en soms hebben ze zelfs een seingever bij met een scheidsrechtersfluitje in de mond, die daar bij elk kruispunt op blaast.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *