Hulde aan de fuut. En hulde aan Marcel.

futenkoppelWij liepen met de vogelclub rond een vijver en Marcel riep: “Kijk daar! Twee futen. Al in zomerkleed! Waarschijnlijk een mannetje en een vrouwtje, al kunnen wij dat niet zien. Mannetjesfuten en vrouwtjesfuten zijn compleet hetzelfde. Wie wat is, weet alleen de fuut.”
Ik wou dat ik een fuut was. Hulde aan de fuut. En hulde aan Marcel.
Mensenkinderen wordt het comfort van de fuut niet gegund. Vanaf de eerste stoelgang moet duidelijk zijn wie je bent: man of vrouw. O wee als een moeder haar zoon een hansop aantrekt met drie hartjes en twee pofmouwen! Zo draai je een kind recht in de identiteitsverwarring. Homofilie, dat krijg je van pofmouwen. En o wee als een dochter in de Bugaboo zit met sandalen van Spiderman. De lelijke lesbo! Die wil later zeker in de raad van bestuur.

Met carnaval regende het nog berichten op Facebook. Seppetje wil naar school met een prinsessenkleed! Schattig in eigen huishouden, gevaarlijk vanaf het tuinhek. Studio 100 heeft speciaal een Mega Toby moeten uitvinden omdat duizenden jongetjes een roze legging vroegen aan de Sint en hun ouders de legging niet wilden brengen. Dat krijg je nu van een superheldin op Ketnet: wilde uitwassen, die niet alleen de maatschappelijke orde aanvreten maar ook nog eens slecht zijn voor de commercie. Om commercieel te zijn heb je duidelijke cliché’s nodig, want mensen houden niet van brij. Het kan best zijn dat het leven een brokkenpap is van rommel en gepruts, maar hoe vermoeiend is die wetenschap! Met dichtgeknepen oogjes zitten suffen onder het verschil tussen blauw en roze is veel gezelliger. Maar vaders, waar zijt gij als uw dochters geloven dat pijpen goed is voor hun carrière? En moeders, waar zijt gij als uw zonen een veertienjarig meisje vangen in een parkeergarage?

Laatst zag ik op televisie een vader wiens peuter een winkelbon had gewonnen bij Dreamland. Het kind mocht vijf minuten vrijelijk graaien in de winkel, sleepte meteen een driewieler aan, een roze met een boodschappenmandje. Nee, schreeuwde papa aan de zijlijn, niet die fiets! Pak die blauwe! Voor je het weet denken de buren dat je zoon een dochter is en wil hij later bejaardenhelpster worden, in plaats van ingenieur.
Kortom, het klassement gaat in vanaf de nulde dag. Rond de 7500ste dag komen de eerste klachten. En op de 20.000ste dag vragen vier volwassen mannen zich in Knack af hoe het zou zijn om een vrouw te zijn. Natuurlijk is zo’n artikel interessant. Het appelleert aan het cliché. Terwijl het eigenlijk nonsens zou moeten zijn. Toegegeven, ook ik ga niet vrijuit. Ik twijfel bijvoorbeeld of het wel zo leuk is om meer gemeen te hebben met pakweg Jean-Marie Dedecker dan met een wijfjesgorilla, gewoon omdat wij vóór mannen en vrouwen éérst mensen zijn. Op die manier lijk ik zelfs op de paus die er niet meer is. Nee, het zijn geen makkelijke denkoefeningen.

Soit, wij liepen met de vogelclub rond een vijver en Marcel riep: “Kijk daar! Een ijsvogel! Zie zijn blauwe rug eens schitteren in de zon! Hoewel, het is misschien geen mannetje. Voor hetzelfde geld is het een vrouwtje. Want ijsvogels zijn holenbroeders en bij holenbroeders is er geen verschil tussen mannetjes en vrouwtjes.” Hulde aan de ijsvogel. En hulde aan Marcel. Sommige mensen wonen gewoon nog in nesten.

(verschenen op de opiniepagina’s van De Standaard, naar aanleiding van Internationale Vrouwendag, ahaaaaa!)

4 gedachten over “Hulde aan de fuut. En hulde aan Marcel.”

  1. Die heb ik vrijdagmorgen in de Standaard gelezen, in de Thalys op weg naar Parijs. Een prachtig stukje. Hulde aan Tante Annie!

  2. In een camper in NZ komen uw stukken precies nog meer tot hun recht. Niet dat dit uw betrachting is.

  3. zo ver zitten nadenken over de betrachtingen hier, het lijkt wel solidariteit!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *