In de berm van Bertem

In de berm van Bertem staat een stengel met niets, een bloem die nog niet klaar is. Vroeger ruiste hier iets het struikgewas, werd er biologisch geflitst door organismen achter de vangrail. Nu groeit er een gatsometer, steel van staal, lelijke knop. De blaadjes vallen bij u thuis in de bus. Voor de ongehoorzame automobilist is het geen plezier. Voortaan is er maar één oog meer, het boze oog. De ijzeren bloem staat er altijd. Noteer: Bertem richting Leuven. Het is een nieuwe zekerheid. Hoe beter we luisteren, hoe langer we leven. De staat heeft het goed met ons voor.  Het is gelijk de parabel van de koe en de schrikdraad. Daarom staat de gatsometer er. En ook omdat hij minstens dubbel zo goedkoop is als twee agenten die een hele middag zitten te hurken tussen het onkruid.

De stengel kondigt een nieuw tijdperk aan op de autostrade. Vraag is alleen wat ambachtslieden van  weleer er zelf van vinden. Zijn ze blij dat ze van Bertem zijn verlost. Of vinden ze het spijtig dat hun schuilplaats wordt opgerold.
Mocht ik bij de politie zijn, ik zou er treurig van worden. Biologisch flitsen spreekt hier namelijk danig tot de verbeelding. Het lijkt me een beetje zoals de kampementen die ik vroeger openhield onder de keukentafel. U hoort erbij, maar niemand die u ziet. Het enige wat u moet doen is een kort stukje achterwaarts over de linkerrijstrook durven.

Verder is het aan te raden vooraf naar het toilet te gaan, ten minste voor grote boodschappen, daar het niet aangenaam is de rijkswachtersbillen te moeten vegen met witte klaver. Ook het aantal ankerpunten is in de berm van Bertem enigszins beperkt. Tenzij u er niet mee inzit om op de vangrail naar steun te zoeken. Buiten de spits rijden burgers weliswaar te snel om u te kunnen monsteren. Maar bij file hoeft u op de vangrail op geen enkele privacy te rekenen. Kortom, bij voorkeur houdt u zich liever koest in het struikgewas. Met een sudoko, met de Libelle of met uw collega. Eens de snelheidsmeter is opgesteld en aangesloten verandert de berm al vlug in een aangenaam bezinningsoord. Met een fijn cd’tje en een volle boterhammendoos is het in Bertem prettig toeven. Een passend afscheid dringt zich daarom op. Op de stalen stengel moet een reusachtige chrysantenbol komen.

Anderzijds kan het ook zijn dat de meeste politieagenten niet graag snelheidscontroles uitvoeren omdat ze niet tegen de eenzaamheid kunnen. Omdat ze het tijdverlies vinden of omdat ze niet graag in de Libelle lezen. In dat geval was de berm van Bertem ongetwijfeld een strafkamp voor matige collega’s.  Organismen uit het korps die zich baldadig gedroegen werden op hete middagen steevast naar de vangrail gestuurd met de woorden: En durf niet terug te komen voor ge tien hardleerse burgers bij hun nekvel hebt. Waarna het flikkenkoppel plichtsgetrouw biologisch aan het flitsen ging. Voor zulke ambachtslieden is de stengel zonder iets natuurlijk wel goed nieuws. Gedaan met de berm van Bertem! Weldra barst de stalen knop open en zal een prachtige rode roos ontluiken. Let volgende keer maar eens op, in Bertem.

(Voor rijkswachters hier aanwezig, rep u naar Delhaize en scheur de tekening van Klaas Verplancke uit Vacature, tof voor op kantoor!)

2 gedachten over “In de berm van Bertem”

  1. Wordt het eens geen tijd dat al uw vacaturebijdragen verzameld worden in een schoon boekske? Met de plaatjes van Klaas Verplancke erbij uiteraard.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *