Jezusbruid met jongenskop

Als je braaf bent, gaan we straks speldjes kopen, zo sprak mijn moeder. Terwijl ik op een gevernist kermispaard zat te brommen en de kapper mijn oren vrijmaakte. Ik wilde staartjes, maar mijn moeder vond staartjes gedoe. En dus werd ik gepaaid met speldjes. Die speldjes waren vergif. De pedagogie kende geen compassie in de jaren 80. Ik heb nooit plaats gehad om die speldjes ergens te steken. Want zodra de kapper mij van zijn paard hief was mijn haar weg. Het gevolg was dat ik jarenlang ben weggejaagd op de vrouwentoiletten.
De mensen zouden mijn communiefoto’s eens moeten zien. Mijn rok had een strik, mijn kraag stond vol geborduurd pastelfruit en ik had een witte handtas met een zakdoek. Het bracht helaas geen soelaas. Ik was een Jezusbruid met jongenskop. En die ben ik veel te lang gebleven. Ook toen ik al lang niet meer naar mijn moeder luisterde.

Bijna niemand wilde mij ooit kussen op een fuif. Daar heb ik nu dik spijt van, dat pakweg Kelly of Anniek altijd met de buit gingen lopen. Precies of Kelly en Anniek zoveel sympathieker waren dan ik. Tongen dat die twee hebben gedraaid! En ik maar smachten en in mijn kussen bijten. Hoeveel schooljaren zou ik ‘s morgens achter de buurjongen hebben aangefietst? De hele weg zat er een heel voorzichtig heytje vast in mijn keel. Terwijl die Steven nauwelijks keek. En hoeveel leuke brieven zou ik naar Gunter hebben geschreven? Leuke brieven waren het nochtans, hoe zou ik hier anders aan een column zijn geraakt. Maar Gunter bougeerde niet. Mijn sprankelend talent liet hem ijskoud. En Gert wilde ook niet. Ook al stond ik in de duisternis van de fuifzaal heel de avond verliefd naar hem te kijken. Hij ging voor Kelly. Het heeft me makkelijk tien jaar gekost om te weten te komen waarom.

Kelly zag eruit als een meisje en ik zag eruit als een kwaad jongetje, terwijl ik gewoon een kwaad meisje was. Hoe zou je zelf zijn als niemand je wil kussen. Ik had een tondeuse waarmee ik mijn haar schoor, op een stroef van 20 centimeter na. Ik rookte sigaren, droeg strakke, gestreepte broeken en bottinnes met een streep autolak. Ik kende de cd’s van Nirvana van buiten. En in de kelder van het ouderlijke huis blies ik per ongeluk de versterker van mijn elektrische gitaar op. Zo’n meisje was ik, zo’n meisje waaraan je niet kunt zien met hoeveel lieve liefde ze zit. Mocht je haar willen kussen, je zou wellicht niet durven. Gelukkig is mij inmiddels gedaagd hoe het gaat. Heden epileer ik mijn wenkbrauwen en heb ik lang haar.

Laatst was ik met mijn haar in de Delhaize, toen ik ineens Gert-van-Kelly in de gaten kreeg, gebogen over een karretje, weinig gelukkig van wezen. Ik schoot meteen de gang in met de maandverbanden. Nergens is een vrouw veiliger dan daar. Ik moest tenslotte nadenken, want daar liep Gert. Was hij veranderd? Nee. (Of ja, hij had een dochtertje met staartjes.) Zou ik hem nog willen kussen? Nee. En zou hij, bij mijn nieuwe aanblik, spijt hebben over zijn gemiste kans? Wellicht, maar hij herkende me niet. Bovendien schreeuwde zijn dochter om speldjes. Dat stout kind!

(eerder verschenen in De Standaard Magazine)

8 gedachten over “Jezusbruid met jongenskop”

  1. Op datzelfde paardje heeft diezelfde kapper ongetwijfeld in dezelfde periode een stuk uit mijn oor geknipt : ‘ge had maar moeten stilzitten’ ;-)

  2. Zo’n Gunterken, dat is immers alleen maar geïnteresseerd in je boezem en niet in je literaire ontboezemingen.

  3. gunter, heb ik later gehoord, scheen het meer voor échte jongens te hebben

  4. wat uiteraard geen afbreuk doet aan uw wijsheid omtrent boezems

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *