Joop of de kracht van het gedacht

Als ge iets écht wilt, zeggen sommige mensen, dan gebeurt het op de duur ook écht. Het is de kracht van het gedacht, de overtuiging dat iedereen alles kan worden wat hij wil: baas van iedereen, uitvinder, filmster of plant manager. Het geloof in uw eigen carrière is een aardig geloof, vooral voor wie de kers is op zijn eigen slagroomtaart. Wee echter de man in de kartonnen doos onder het afdak. Sommige mensen worden helemaal niet wat ze willen. En de dingen die wél uitkomen zijn niet altijd de juiste dingen. Het is niet dat ik grimmig wil doen. Bovendien gaat het niet helemaal slecht met mijn loopbaan. En toch heb ik niet het volste vertrouwen in de kracht van mijn eigen gedacht. Ik denk daarbij aan Joop, een dwergkonijn van lang geleden. Het liep niet goed met hem af. Precies omdat ik ergens van overtuigd was.

Joop kwam uit Maastricht, daarom heette hij Joop. Ik had hem gekregen van mijn ouders. De hele weg naar huis zat Joop een de kartonnen doos op mijn schoot. Halverwege was de doos in één hoek warm en slap geworden, maar dat deed niets af aan het geluk. Thuis mocht Joop uit de doos en in het hok, buiten onder het keukenraam. Joop kreeg alles wat een dwergkonijn nodig had: een drinkbus, hooi en een kom met stopjes. Desalniettemin was Joop drie dagen later weg. Mijn verdriet was te horen tot in de wijde omtrek. Dezelfde ochtend nog wisten alle buren dat Joop weg was. ‘s Avonds laat kregen we telefoon. Dat Joop twee straten verder terecht was. Per pyjama stormde ik de duisternis in. Mijn vader kwam iets later. We belden aan, namen plaats in een vreemde woonkamer en wachtten op Joop. De buurman ging hem halen.

In zijn armen hield hij een konijn dat twee keer zo groot was als Joop. Mijn vader en ik zagen onmiddellijk dat het Joop niet was. Het beest was niet alleen te dik, het had ook hangoren. Hoe de buurman een knaagdier van zo’n omvang kon verwarren met een Hollands dwergkonijntje, was mij een compleet raadsel, maar ik gaf geen krimp. De kracht van het gedacht indachtig besloot ik tot Joop en Joop nam ik mee naar huis. Daarna werd het winter

De wind woei uit Rusland over onze streken en in het hok onder het keukenraam werd het danig koud. Zo koud dat ik medelijden kreeg met Joop. Ik was ervan overtuigd dat Joop zou doodgaan in de sneeuw en besloot dat ik geen getuige wilde zijn van de miserie. Veertien dagen lang niet. Tot mijn vader op een avond aan tafel vroeg hoe het met Joop was. De tranen bobbelden over mijn wangen. “Ik denk dat Joop dood is”, zei ik. “Ik durf niet meer gaan kijken.” Waarna mijn vader de achterdeur openkriepte en mijn voorspelling uitkwam. Joop was dood, zijn carrière voorbij. Hij lag gestrekt naast het kommetje zonder stopjes. Zijn hangoren  staken stijf van de kou in de lucht Sindsdien vertrouw ik de kracht van mijn gedacht niet meer helemaal, weet ik niet waaraan sommige carrières te wijten zijn. Want ook wat ge écht niet wilt, gebeurt soms toch.

7 gedachten over “Joop of de kracht van het gedacht”

  1. de vraag is uiteraard: wat dacht het konijn?
    zijn gedachtenkrachten waren misschien suicidaler en sterker dan de uwe
    blijven trainen met dat hoofd!

  2. Zo heb ik de voorbereidselen ter plechtige (of was het eerste?) communie verstoord in de kerk, op een woensdagnamiddag, nadat ik op de terugweg van school mijn kat Minoe als vermeend dood wegens overrijding door een auto had zien liggen op de straat. De catechismus kon niet op tegen mijn tranen en mijn verdriet. ‘God is overal: in de hemel, op aarde, en op alle plaatsen’ zei meneer pastoor, maar ik dacht: ‘jaja, zal wel … behalve op de plaats waar Minoe overreden werd.’ Door mijn gelamenteer werd ik die namiddag al na vijf minuten ontslagen van verdere deelname aan de voorbereidselen ter communie, en ‘s avonds had broer al een nieuw klein katje voor me weten te versieren, waarmee ik Minoe’s nagedachtenis al snel verraden heb. De zaterdag daarna moest ik gewoon weer terug naar de catechismus en deed ik alsof er niks gebeurd was. Zo schuilt er in elk van ons een gemene verrader!

  3. de bijgedachte is sterker dan de hoofdgedachte … daar zit ‘m het addertje !

  4. Annie, gij die op alles een antwoord hebt, graag uw advies over de volgende vraag: waarom hebben alle daklozen een huisdier?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *