Kipfilets

De meeste manspersonen gaan dit niet begrijpen. En dat is ook de bedoeling. Kipfilets zijn hun zaken niet. Trouwens, de meeste manspersonen gaan dit ook niet lezen. Dat komen ze mij toch altijd vertellen. Dat ze de Knack wel lezen. Maar niet de Weekend Knack. En dat ze dienverstande nog nooit één column van mij hebben gelezen. Ik kan hier dus in alle discretie stellen dat het onnozelaars zijn met vieze onderbroeken zoals alleen intellectuelen die dragen. Wat kan mij het schelen wat ze niet lezen. Wat kan mij het schelen wat ze wél lezen. Ik wens ze allemaal een kloppende ontsteking toe. Daar. 

Zo. Dan kunnen we nu verder met het eigenlijke onderwerp van dit artikel: kipfilets, twéé kipfilets. Ik weet niet wat er op uw nachtkastje ligt, maar op dat van de eerder genoemde Knacklezer ligt waarschijnlijk een dik boek over de identiteit van Europa. Op dat van mij liggen twee tubes, eentje met Algipan en eentje met hielencrème. Zij staan voor de overgang van winter (kou in mijn knoken) naar zomer (kloven in mijn eelt). Maar in het nachtkastje, in het mahoniehouten laatje, liggen twee kipfilets.

Ik was die al lang vergeten, zo lang ben ik namelijk al getrouwd. Het is een rare discipline, die van de kipfilets. Een beetje zoals de pruik van Helmut Lotti. Op de duur krijg je misschien onder de dekens wie je wil, maar al heel gauw wordt het toch weer behelpen met de realiteit, zijnde kleine tetjes en een kletskop. Of een vale teint. Want het is niet omdat hier lezeressen zitten met een prachtige boezem van zichzelf dat zij vrijuit gaan. Hun gezonde blos hangt ‘s morgens ook gewoon op het kopkussen. Iedereen doet aan cosmetica, zelfs mannen die de Weekend Knack niet lezen.

Waarom zou ik me dan schamen voor die kipfilets. Ik wist geeneens nog dat ze er lagen. Ik gooi mijn armen al jaren joviaal in de lucht. Of toch als het plezant is. Die kipfilets vallen na een wilde hoera nooit meer voor mijn voeten op de grond. Ah nee, want ze liggen in het nachtkastje en sorteren daar geen enkel effect, een beetje zoals mijn eigen aanhorigheden. Het is de leeftijd, denk ik, om er niet meer mee te zitten. Om onzeker te zijn moet je veel geloof hechten aan een ander, terwijl ik van ellende steeds minder geloof hecht aan alles. Zoiets moet het zijn.

Enfin, ik zou over die kipfilets hebben gezwegen, maar zondagochtend zat er iemand in het nachtkastje, een mannetjespersoon van twee jaar. Hij deed het laatje open en greep mijn vergane ijdelheid bij de lurven. Stel je toch het tafereel voor, zeg! Ik moest iets doen. Ik moest ik zeggen, maar ik wist niet wat en de spondeligger was mij voor. Het ging niet pedagogisch van “Blijf daarvan af en leg die kipfilets terug!” Nee! Hij zei: “Kijk nu! Waar is de tijd!” En hij lachte, dat deed hij. Nog goed dat mijn ogen écht zijn of ik had ze uit hun kassen gedraaid. En intussen zat ik al lang te zuchten op de wc. Soms begrijp ik het zelf ook allemaal niet. Het zal de bedoeling wel zijn.

(eerder verschenen in De Standaard)

 

4 gedachten over “Kipfilets”

  1. Mwoehaha, die kipfilets! Sweet memories. Ooit eens achter een vriendin naar de WC’s gespurt, met één van haar exemplaren in mijn hand. Ze heeft ze toen ook maar in de sjakosj gedropt.

  2. Ijdelheid verhindert me te bekennen dat ik al eens ingenaaide kipfilets bezig. Uiteraard ontken ik ook ten stelligste het bestaan van een kipfiletleurige buikwegpropper in de la.

  3. Als ge kipfilet bezigt moogt ge ‘Kardashian-gewijs’ de ducktape niet vergeten !! Dat is het meest functionele huis-tuin- en keukenmiddel wat er bestaat … Perfect om te ‘liften’ , ‘stabiliseren’,’fixeren’, nachtkastlades af te sluiten en natuurlijk kipfilet op zijn plaats te houden … You learn as you go ;) NEVER GIVE UP !

  4. hahaha dat is de tape die ik altijd moet zoeken in de kelder. als iemand de spiegel van mijn auto heeft geknald!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *