Nieuw talent

Tony had een rosse baard. Lieve had lang zwart haar. Samen waren ze hele lieve, geduldige mensen. Iedere donderdag kwamen ze met een rieten boodschappenmand naar de parochielokalen. In de mand, onder het dekentje zaten scharen, stiften, crêpepapier en verhalen over Jezus. Wij wilden onze plechtige communie doen en daarom gingen we één keer per week naar Kring 11, voor catechese. Onnozelheid was troef.

Mijnelievegod! De taferelen aan het meer van Galilea! Honderden apostelen heb ik bij elkaar gepunnikt. Kerststallen heb ik geknutseld, de dieren van Noach nagedaan, parabels uitgebeeld. De parabel van de verloren zoon, de barmhartige Samaritaan, de goede herder en de parabel van de talenten. Voor heidense lieden: de parabel van de talenten is het verhaal van één baas,  drie lamlendige personeelsleden en acht onnozele talenten. Verder is het belangrijk om niet te geloven wat er in de bijbel staat, of toch niet letterlijk.

Er was eens een baas met drie slaven. De baas vertrok, god weet om wat voor reden. Het was de stress zeker, of een kwestie van management of misschien moest hij weg voor acquisities in het buitenland, benchmarking op den vreemde. De bijbel weidt er niet over uit. Het was simpel: de baas ging weg. Lieve en Tony lazen voor uit de heilige schrift en bij Kring 11 werden er geen praktische vragen gesteld. Tenslotte moet je de bijbel figuurlijk nemen. Talenten hadden niks met geld te maken.

Enfin, de baas verdween, maar voor hij verdween, deelde zijn talenten uit. De eerste slaaf kreeg één talent. De tweede kreeg er twee en de derde kreeg er vijf. Het was niet eerlijk, meer verder helemaal logisch. Het leven is niet eerlijk en de mensen zijn het ook niet zo. Daarna neemt de parabel van de talenten een sprong: de baas kwam terug!
Slaaf drie kwam aandraven met tien talenten. Hij had door hard te werken zijn vijf talenten verdubbeld! Idem voor slaaf twee. Hij maakte  de baas blij maakte met vier talenten. En dan was er nog slaaf één. Hij had zijn talent, omdat het maar één talent was, voor de zekerheid begraven. En toen de baas terugkwam, kreeg hij maar één talent terug. De baas was kwaad. Luie mossel, riep hij. Geef hier,  uw onnozel talent. En wat uzelf betreft, de duisternis in, waar geween is en tandengeknars!

Tony en Lieve duidden de parabel. Het probleem zat niet bij baas die tijdens zijn afwezigheid zoveel mogelijk talenten wilde verdienen. Het ging om ons talent, ons onnozel talent, datgene waar wij van Kring 11 goed in waren en wat wij met onze talenten deden. Goud of zilver of hebberigheid, zeiden Tony en Lieve, daar draaide het niet om.
Maar de bijbel is lang geleden. Het zou me verbazen mocht de baard van Tony nog ros zijn. En het haar van Lieve is intussen wellicht lang en grijs. Talenten zijn niet meer speciaal of van ons alleen. Laat staan dat talent een godsgeschenk is.  Nieuw talent is de kunst om met zo weinig mogelijk zo veel mogelijk te doen. Wel letterlijk. Vooral als de baas er is.

(eerder verschenen in Vacature met in begrepen een wonderbaarlijk kopiemasjien van Klaas)

2 gedachten over “Nieuw talent”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *