Rood velletje

“Juffrouw, als ge niet gaat stoppen, roep ik de mannen de van security. Ik heb mijn instructies. Ge moogt hier niet door. Juffrouw! Juffrouw… Herman. Klik. Herman!” De parkeerwachter riep om versterking in de walkietalkie en ik rende in de regen over het parkeerterrein.
Als die pummel mij wil tegenhouden, dacht ik, dan moet hij mij maar vangen. De deur naar binnen toe is niet ver. Bovendien heb ik alle 27 looplessen met Evy Gruyaert gevolgd. Dat redt hij van zijn leven niet. Frituurganger was hij! Van de soort ‘Een grote met andalouse, een cervela zonder vel en een kipschnitzel’. Probeer zo maar eens vooruit te komen, vetbol. Hij was rond genoeg om de hele Belgische pimpelmezenpopulatie de winter door te helpen.

“Herman, komt ge eens naar hier”, hoorde ik hem zeggen. “Er loopt een mevrouw over de parking die niet wil luisteren. Ze zegt dat ze van de pers is, maar gij weet ook dat iedereen dat tegenwoordig zegt.” En toen werd ik woest. Er schoof een rood velletje voor mijn ogen. Ik draaide me om en stapte terug richting de man aan de hefboom met de muts en de fluojas.
1, 68 meter, 55 kilo versus 1, 86 meter, 123 kilo, het kon me niets schelen. Ik merkte het verschil niet eens. Ik was klaar voor de confrontatie, een kwaaie Yorkshire terriër tegenover een bouvier op de Meir. In alle opwinding was mijn strikje trouwens uit mijn haar gevallen, op de grond, in de regen. Het kon er allemaal nog wel bij, bij de rest van de ellendige vrijdag. Mijn kaakspieren stonden hard.

Ik zal slechts gedeeltelijk herhalen wat ik tegen de parkeerwachter heb geschreeuwd. Gij doet uw job en ik doe de mijn. Wat denkt gij wel! Ge maakt mij fokswild, meneer, met uw regelarijen. Gij hebt toch koud of warm aan de ingang langswaar ik binnenga. Hebt gij nu echt niks beters te doen? Thuis niks te koeken misschien. Ik kom hier ieder jaar. En ik ga ieder jaar langs die deur naar binnen. En het zal dit jaar niet anders zijn. Denkt gij nu echt dat ik tijd heb, én zin om met uw slag in discussie te gaan. Ik ben verdoeme al de hele week alle kanten uit geplooid. Ik moet het altijd maar oplossen voor iedereen. Ingang 2, ik denk er nog niet aan, meneer. Tarara!
Het was iets in die trant en mijn wijsvinger was gestrekt. Meer kan ik me niet herinneren.

Het gezicht van de vriendin die werd verondersteld mij te volgen, staat me helderer voor de geest. Ze volgde namelijk niet. Ze stond onnozel te kijken. Ze. Zei. Dat. Ik. Me. Niet. Zo. Moest. Opwinden. Dat het zo erg niet was. Dat we tijd genoeg hadden. Ach. Ach. Ach. En toen sprong er iets vanbinnen.
Knap. Mijn hoofd werd leeg en langs de zijkant sijpelde een zacht verdriet naar buiten. Ze had me nog nooit zo kwaad gezien, zei ze. Dat het vast de stress was, zei ze, en nog van die malse dingen die een mens soms wil horen. We wandelden stilletjes naar naar ingang 2. Ik trapte in een plas, maar merkte het niet meer. Binnen kocht ik een boek over een eiland. Omdat ik daar zelf tamelijk aan toe ben.

(eerder verschenen in Vacature)

6 gedachten over “Rood velletje”

  1. op zulke dagen moet ge binnen blijven en een eilandje bouwen in uw bed

  2. Kijk Mevrouw Olaerts, dit begrijp ik nu niet. Waarom staat een schrijfsel zoals dit, dat op slag mijn dag goedmaakt, in een voor mij compleet oninteressant en direct bij het oud papier belandend onding als “Vacature”.

    Gebruik uw energie van hierboven en ga eens bij uw baas op tafel kloppen om uw rechtgeaarde plaats op te eisen: een minstens wekelijkse column op de voorpagina à la Hugo Camps en Bernard De Wulf. De Standaard heeft dat toch niet?

    Doen!

  3. met kent de ‘vacature’ geeneens en leest bovendien de ‘volkskrant’, en ‘t is daar dat zij ook wel uw schrijfsels zoudt willen tegenkomen. ook.

  4. Zoals ik al eerder vermeld heb, maar ik vind dat ik het hier ook nog eens moet aanhalen: ik kijk NOOIT onnozel

  5. @met: http://magazine.vacature.com – ge zoudt denken dat ge ervoor moet betalen – IRL dan wel – maar ‘t is dan nog helemaal gratis ook.

    @gerda: nochtans elke week gelezen (niet weggesmeten)en bijzonder goedgekeurd door gemiddeld 380.000 Vlamingen, incl. die wekelijkse bladzijde vanachter uiteraard :-)

  6. Er waren ook 800.000 Vlamingen die voor Leterme kozen… Ge ziet waar we nu staan… of liever hoever.

    ;-)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *