Ziektes op vakantie

Afgelopen zomer had ik het genoegen op visite te mogen in het ziekenhuis. Nieuw pensioenplan geboren, kaartje gekregen, gestort voor pampers. Het zijn geen aardige bewoordingen, maar het geboortecijfer in dit land is danig omhoog gegaan. Het wonder is eraf. Zeker als het Seppe heet. Of Océane.  Eigenlijk was het vooral de parking die mijn verwondering wegdroeg. Er was namelijk parkeerplaats met hopen. Keus tot aan de deur. Alle ziektes op vakantie.

Het schijnt normaal te zijn. Mensen gaan  alleen naar de dokter als ze moeten werken. Op andere tijdstippen zijn ze veel minder ziek. Men neme de proef op de som: op werkdagen zitten alle wachtkamers vol. Hieruit besluiten dat werken ellendig maakt is echter niet alleen een luilekker excuus of goedkoop koren op de molen van de vakbond, het is ook verkeerd. Het zijn de collega’s die ziekmakend zijn. Naast lunchpakketten en verhalen over het weekend brengen ze namelijk ook bacteriën mee van thuis.

De grote overdracht begint ‘s morgens al. Iedere handdruk is een miljoenenverhuis van ongedierte. Heeft u de gewoonte om uw collega’s ‘s ochtends te zoenen, hoed u dan voor de speekseldraad. Een mond is een oord des verderfs. Het is een vochtig hol waar meer microben wonen dan er mensen zijn op aarde. Ik verzin dit niet. Ik haal het bij Sigmund Socransky, wijlen professor tandvlees in Harvard.
Om nog te zwijgen over de verscheidenheid van het akelige gezelschap. De wetenschap zit intussen aan 615 gedetermineerde soorten. Sommige microben hebben hoedjes op. Anderen doen in baarden, draden en bobbeltjes. Er zijn er met vleugels, met plaksnorren of gewoon met niets speciaals. Maar altegader hebben ze één ding gemeen. Bij iedere uitgesproken woord gaat de boel aan het schuiven, is het kermis in de hel. Kortom, dat u de goeiemorgen van uw collega’s durft te ondergaan is al een trofee waard.

En dan bent u nog niet gaan zitten. Want mijnelievegod, de zitting der bureaustoelen. Hulde aan de dapperling die bereid is om één vierkante centimeter moes onder een microscoop te bekijken. Oog in oog met de aanwezige fauna en flora mag het een wonder heten dat de meeste werknemers zo gezond zijn. Want na de goeiemorgen, de kus en de stoel moet het knopje om de computer op te zetten nog komen. En het klavier! Het is namelijk niet omdat u uw handen wast na ieder toiletbezoek dat uw collega’s hetzelfde doen. Op een gemiddeld klavier scharrelt makkelijk een half miljoen bacteriën rond, allemaal neven en nichten van de gebroeders op de wc-bril.

Al wie op flexibele werkplekken werkt mag nu beginnen te schreeuwen. Landschapskantoren  zijn misschien hip, ze zijn ook evenredig vies. Er is geen dam. Er is geen hindernis. Bij de minste beweging waaien reusachtige microbewolken op. Natuurlijk zitten we thuis met gelijkaardige warrelingen. Maar op het werk is het erger omdat daar de aantallen van de collega’s moeten worden meegerekend. Behalve in de vakantie, dan zijn alle wachtkamers leeg, is er plaats op de parking van het ziekenhuis.

Een gedachte over “Ziektes op vakantie”

  1. Ik dacht altijd dat wie niet naar ‘t werk moest, kon proberen om het ‘uit te zweten’. Werknemers moeten onmiddellijk een attest voorleggen en zelfstandigen kunnen ook maar beter zo rap mogelijk weer op de been zijn. Dus gaan die naar meneer doktoor, dacht ik dus.
    Maar na uw verhelderend stuk weet ik wel beter!!
    ‘k Ben altijd al fan geweest van werken van thuis uit, maar nu heb ik ijzersterke argumenten.
    ‘k Heb trouwens in zo’n landschapkantoor gewerkt. Er waren veel zieken idd. Er werd gevraagd wat er stresserend was. Maar stress heeft er niets mee te maken, blijkt nu!
    Er zit maar één ding op: zorgen dat ons kot zo smerig mogelijk ligt, zodat we immuniteit opbouwen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *